donderdag 28 januari 2016

De Slaapheks

Hallo fans
Daar zijn we weer. Het heeft even geduurd. 
We hebben een hele tijd niets van de Kroelioos gehoord of gezien.
Ze zijn misschien ook druk geweest met Sinterklaas en Klaus de Kerstman.
Maar nu dan toch een nieuw avontuur met de titel

De Slaapheks

Dat belooft niet veel goeds.


Hoog heel hoog, tegen het oneindige aan, drijft het wolkenrijk Kroelonia.
Hier wonen de Kroelioos
Kroelioos zijn kleine beestjes met prachtige flapoortjes en een grappige mopsneus.
Ze lijken een beetje op jonge hondjes.Puppy's.

Als je denkt dat Kroelioos bestaan...
Kun je in je dromen naar Kroelonia gaan.


Het is nacht.
Overal zijn blinkende sterretjes.
Een sterretje blinkt harder dan alle andere sterretjes.
Dat sterretje wordt groter en groter, tot...het een grote ster is.
De grote ster landt op Kroelonia.
Poef...
Ineens staat daar een klein meisje.
Ze heeft kort haar, en een wipneusje.
Ze heeft een pyjama aan.
Een roze jasje met grote knopen.
Een mooi glanzende rode broek.
Ze staat op blote voeten.
In haar hand heeft ze een grote zuurstok.
Rood met wit.

Hoog in een wolkenboom zit een klein vogeltje.
Het is een blauw met witte stippen larievogeltje.
Het beestje is wakker geworden van het geluid.
De vogel vliegt naar het meisje.
Het larievogeltje gaat op haar schouder zitten.
Nieuwsgierig begint het beestje te twitteren.
Het meisje wijst met de rood witte zuurstok naar de larievogel.
"Ka-kazoem",fluistert ze. 
Het vogeltje valt van haar schouder op de wolkengrond.
En begint te snurken.

"Ha, ha...", lacht het meisje.
"Dit is een mooi land. Ik tover alles en iedereen in slaap. Dan zijn alle wolken van mij.
Ik laat het regenen, overal tegelijk. Heel lang. Want ik ben Snurkonia de slaapheks.
Ha-ha....". 

De volgende morgen.
Mo en Ferd Kroelio maken een lange wandeling. Ferd vindt dat niet leuk.
De groene Kroelio ligt liever in zijn bed. Hij is een beetje lui.
"Moet dat nu Mo, moet dat nu echt? Lang lopen is niet gezond hoor".
Mo geeft geen antwoordt. Hij gaat iets sneller lopen.
Even later komen ze Spikkel Kroelio tegen.
"Hebben jullie mijn spiegel gezien? ", vraagt de roze met rood gespikkelde Kroelio aan Mo.
"Ik ben hem kwijt.". 
"Nee , het spijt me ", antwoordt Mo.
"Ligt ie misschien bij Roezje? "vraagt Ferd.
Spikkel trekt een ongelukkig gezicht.
"Ik denk van niet Ferd. Maar toch bedankt.
Spikkeltje gaat op zoek naar Roezje.


 Mo loopt verder. Ineens ziet hij iets paars tussen de wolken liggen.
Wat zou dat kunnen zijn? denkt hij.
Vlug loopt hij naar het paarse ding.
Het is een Motje, een van de kleine Kroelioos.
Mo roept: "Ferd kom eens kijken".
De groene Kroelio rent naar Mo. Samen kijken ze naar het Motje.
"...eks...aap...", fluistert het beestje.
"Wat is een eksaap?",vraagt Ferd aan Mo.
Mo weet het niet.
"...slaap...heks..." kreunt het Motje weer.
Met een zucht valt het kleine beestje in slaap.
Het gesnurk is niet om aan te horen.
"Dat zo'n klein ding, zoveel lawaai kan maken. Het lijkt Ferd wel", lacht Mo.
"Ha ha, grappig die Mo. Bedenk maar eens wat er aan de hand is, grapjas", snauwt Ferd terug.
Daar heeft Ferd wel gelijk in, denkt Mo.
Waarom valt dat Motje in slaap? Wat is een slaapheks?

Mo wijst naar de grote wolkenberg.
De berg waar de Motjes in wonen.
"Hij is daar vandaan gekomen. We moeten daar gaan kijken", zegt Mo tegen Ferd.
"Eeuh...ik blijf wel hier Mo...Motje paars bewaken...goed?".
"Dan ga ik wel alleen hoor. Ik...ben niet bang".
Mo draait zich om en loopt naar de wolkenberg.

Even later hoort Mo iemand akelig lachen.
"Ha, ha...kom maar op kleine beestjes...Ik ben Snurkonia de slaapheks. Ik laat jullie allemaal slapen...ha,ha".
Mo heeft zich achter een wolkenstruik verstopt. Voorzichtig kijkt hij over het bosje heen.
Hij ziet hoe Motje groen probeert de slaapheks aan te vallen.
Maar voordat hij bij haar kan komen...ka-kazoem...valt hij al in slaap.
Overal om Snurkonia liggen Motjes te slapen.
Het heksje rekt zich uit.
"O,  hee ik ben moe geworden van dat toveren. Even uitrusten in mijn grot. Kan ik meteen in mijn nieuwe spiegel kijken, die ik vanmorgen heb gevonden".
Ze draait zich om en loopt recht op Mo af.
De gele Kroelio weet zich nog net op tijd te verstoppen.
Snurkonia loopt verder.
Mo sluipt achter haar aan.

Ondertussen.
Ferd Kroelio ligt langs Motje paars te slapen.
Ineens schiet hij wakker.
"Waar zijn we. En wie is ik", mompelt de Kroelio slaperig.
"O, ja...ik weet het weer. Ik pas op Motje paars...voor Mo. Waar is Mo?"
Ferd staat op. Hij kijkt om zich heen. Geen Mo te zien.
Hij voelt zich nu toch wel alleen.
"Welnu, ik zal de gele deugniet maar eens gaan zoeken", roept Ferd heel deftig.
En...hij loopt helemaal de verkeerde kant op.

Waar zou Mo toch zijn, denkt Ferd.
In de verte, tussen twee wolkenstruiken in, ziet hij een donker gat.
Hij rent op de grot af.
"Mo, Mo...ben je daar?"
Voorzichtig gaat Ferd de grot binnen.
Het is erg donker binnen.
"Hmm..geen Mo",mompelt Ferd.
Er liggen wat dingetjes hier en daar. Helemaal achteraan liggen wat bladeren op een hoopje.
Dat lijkt wel een bedje, denkt de groene Kroelio.
Hij gaat op de bladeren liggen. En Ferd slaapt alweer.

Mo sluipt nog steeds achter het heksje aan.
Ze loopt naar een zwart gat tussen twee wolkenstruiken in.
Snurkonia stapt de grot binnen.
Mo weet niet wat hij moet doen.

Ineens hoort Mo de stem van Ferd.
"Hee, Mo. Ben je daar eindelijk?"
"Wie ben jij en wat doe je in mijn grot? ", krijst de slaapheks.
"Jij bent Mo niet", gilt Ferd.
"Ka-Kazoem", schreeuwt Snurkonia.
Er lijkt van alles om te vallen. Een hels kabaal.
Dan...niets...helemaal niets.
Geen enkel geluid.

Mo durft bijna geen adem te halen.
Voorzichtig sluipt hij de grot binnen
Aan de ene kant ligt Ferd te slapen.
Aan de andere kant ligt Snurkonia...ook te slapen!
"Wat is hier gebeurd ?", mompelt Mo.
Fred wordt wakker.
"Ha die Mo, ben je daar eindelijk".
"Wat is er gebeurd?", vraagt Mo aan Ferd.
"Ik weet niet... Dat meisje komt binnen en wil mij betoveren. Ik pak dit ding. Ik houd het voor mijn gezicht. En ik knijp mijn ogen dicht...Toen ik weer durfde te kijken...lag het meisje te slapen",vertelt Ferd.
"Wat is dat dan voor ding?", vraagt Mo weer.
Ferd geeft het 'ding' aan Mo.
Dan zien ze wat het is. De spiegel van Spikkel.
"Ha,ha", lacht Mo. "Snurkonia de slaapheks heeft zichzelf betoverd. Dan zal iedereen zo wel weer wakker worden".
Maar daar heeft Mo zich in vergist.

Als Mo en Ferd buiten de grot komen. Zien ze dat iedereen nog gewoon ligt te slapen.
De Motjes, de vogels en alle andere diertjes.
Mo gaat op een wolkenboomstam zitten.
Hij begint aan zijn kin te krabbelen. Dat doet hij altijd als hij diep moet nadenken.
Maar hoe lang Mo ook nadenkt, hij snapt er niets van.
Waarom blijft iedereen slapen?.

Het begint alweer donker te worden.
Ferd ligt op zijn rug naar de sterren te kijken.
Opeens gaat hij rechtop zitten.
"Hé, Mo...Ik zie twee sterren die steeds groter worden. Hoe kan dat? ".
Mo kijkt op. De twee sterren komen recht op de Kroelioos af.
Mo en Ferd springen op. De twee sterren staan nu vlak voor hen.

                       Poef
Opeens staan er een man en een vrouw. 
De man lijkt wel een reus. Hij heeft een wilde lange baard. 
Hij draagt een hemelsblauwe mantel met een wit pak eronder.
De vrouw naast hem is wat kleiner. Ze draagt zwarte kleren. Ze heeft zwart lang haar en een wipneusje.

De man steekt een hand op en begint te praten.
"Beste Kroelioos, wij zijn Armand en Hilde. Wij zijn tovenaars van de planeet Truuk. Wij zijn ons dochtertje kwijt.Hebben jullie haar misschien gezien? ".
"Ze heeft een roze pyjama aan en een rode broek", zegt Hilde.
De Kroelioos staan met open mond te kijken.
Dan springt Ferd naar voren. 
Hij roept: "Ja, die hebben we gezien ja. Jullie slaapheks Snurkonia ligt daar". Hij wijst met zijn voorpootje naar de grot.
Armand krabt aan zijn lange baard.
"Snurkonia? ...Onze dochter heet gewoon Elsje hoor", mompelt hij.
De vrouw wil naar de grot lopen. Maar Mo gaat voor haar staan. 
"Mag ik u nog iets vragen? ", zegt Mo.
Hilde knikt. "Kunt u de betovering verbreken?  Iedereen slaapt nog".
"Natuurlijk, ik begin meteen", zegt Hilde.
Ze steekt allebei haar armen in de lucht en knipt met haar vingers.
Alle Motjes en andere diertjes beginnen met hun ogen te knipperen.
"Dank u wel", zegt Mo.

Armand de tovenaar kijkt een beetje bedroefd.
"Jullie moeten het Elsje maar niet kwalijk nemen hoor. Ze is nog maar een klein meisje. Op onze planeet Truuk wonen allemaal tovenaars. Er zijn geen kinderen, alleen Elsje. En af en toe doet ze alsof ze een heks is. Maar ja, ze kan wel echt toveren. Het spijt ons heel erg".
Ondertussen heeft Hilde Elsje uit de grot gehaald.
Elsje slaapt nog steeds.
Mo vertelt tegen de tovenaars dat de Kroelioos niet boos zijn op Elsje.
Als ze haar toverstok thuis laat, mag ze gerust nog eens komen spelen.
Armand en Hilde vinden dat heel aardig.

Poef
De tovenaars veranderen weer in sterren en zweven terug naar hun eigen planeet.

"Mo, ben je helemaal gek geworden, heksen uitnodigen. Mo, Mo...zeg dan wat!!", roept Ferd.
Maar Mo zegt niets meer... hij snurkt. Iedereen is wakker...behalve Mo.

Poeh hee, toch nog goed afgelopen.
Voor iedereen die toch in slaap gevallen is...slaap lekker.
En tot de volgende keer.


Joepdoei en de mazzel

DJEK      





woensdag 9 september 2015

Tivo Kroelio en de blauwe bal

Hallo fans

Ik heb nu toch weer een "verloren" Kroelio ontdekt.

Tivo 
Tivo is de sportiefste Kroelio van allemaal.
Aan sport doen heeft ie een broertje doet.
Maar sport kijken...dat is het helemaal.
Het liefst kijkt hij sport op televisie. 
Het maakt niet uit wat voor sport...als er maar iemand wint.
Tivo zingt uit volle borst mee met de voetballiederen.
Zijn favoriete lied is het welbekende  
"HIE HA HONDE-ONDERDEEL". 

Maar tijdens het sportief kijken, kan er ook van alles gebeuren...
Lees maar!!.

Tivo Kroelio en de blauwe bal

Deze keer zit Tivo buiten in zijn TV stoel televisie te kijken.
Het geluid van de TV staat erg zachtjes.
Niemand in de buurt heeft zo last van de TV.
Op de televisie is een spelletje aan de gang met een bal.
Een blauwe bal.
Een heleboel mannetjes schoppen om beurten tegen de bal.
Tivo vindt het wel een mooie bal.



Ineens komt de bal uit de TV.
De bal vliegt helemaal omhoog.
Dan...gaat de bal heel snel naar benden.
TIVO KIJK UIT!!!.





Te laat.
Tivo wordt door de blauwe bal uit zijn favoriete stoel geknikkerd.
Tivo weet even niet waar hij is.
Hij doet zijn ogen open en ziet dat hij met zijn neus tegen de wereld ligt.
"Wat is er toch gebeurd ?" zegt Tivo tegen zichzelf.
Ineens weet hij het weer.
Voorzichtig draait hij zijn ogen naar de stoel.
Hij ziet de blauwe bal in zijn mooie stoel  zitten.


"Wacht maar, jou krijg ik nog wel", fluistert Tivo.
Langzaam sluipt hij naar de achterkant van de stoel.
Met een ijselijke kreet duikt Tivo op de blauwe bal.

Na enkele minuten getrek, geduw, geschreeuw en achterom kijken, zit Tivo weer in zijn stoel.
De bal ligt voor zijn voeten op de grond.
He, he dat is dat.

De mannetjes in de TV zijn allemaal aan het zoeken.
"Hé Tivo", roept een van de mannetjes.
"Heb jij onze bal gezien?"
"Jawel", roept Tivo.
"Ik zal hem even terug sturen". 
Tegelijkertijd schopt hij hard tegen de bal.
Meteen vliegt de blauwe bal de TV weer in.
"Bedankt", roepen de mannetjes.
Ze gaan weer verder met hun spel.

Langzaam, met de afstandbediening nog in zijn hand, valt Tivo in slaap.
Hij is nog nooit zo moe geworden van sport kijken.


Zoals ik al zei, erg sportief die Tivo.


Joepdoei en de mazzel

DJEK      





zondag 16 augustus 2015

De Torentutter

Hallo fans

Hebben jullie al gehoord van de Tutters? Weten jullie wat een toren is? 
Ga mee met Lila...en droom jezelf naar Kroelonia...

De Torentutter

Lila , een meisje van vier jaar, ligt in haar bedje.
Ze ligt naar het plafond te kijken.
Het is nog vroeg in de avond. Lila heeft nog geen slaap.
Ze ligt niet voor niets zo vroeg in bed.
Lila is gek op chocolade.
Niets op de wereld is lekkerder dan choco.
Lila heeft twee chocolaatjes uit het trommeltje gehaald, ofschoon dat niet mocht van mama.
Mama is heel boos  geworden.Toen moest Lila voor straf naar bed.
Het nachtlampje schijnt zacht groen licht op de muur.
Ineens kijkt Lila boos naar lampje.
Lampje schrikt ervan.
"Lampje", zegt Lila."Ik ga mijn ogen dichtknijpen totdat ik slaap. Dan is het zo morgenvroeg.En mag ik weer uit bed. Mama zal dan niet meer boos zijn". 
Zo gezegd, zo gedaan.


Als Lila haar ogen open doet, is alles wit en donzig.
Ze kijkt eens rond.Waar is Mo?
Mo de Kroelio komt haar altijd ophalen als ze in Kroelonia is.
Geen Mo te zien.
"Dan ga ik wel alleen. Ik weet de weg heus wel", mompelt Lila.
Die kant op, denkt ze. Dan kom ik vanzelf op het Hemelse Plein.
Daar zullen de Kroelioos wel zijn.

Lila is al een tijdje aan de wandel maar het plein is nog niet te zien.
Als ze om zich heen kijkt ziet ze wolkenbomen.
Heel veel wolkenbomen.
"O, ik zit in het bos", zegt Lila. "Da's niet goed. Ik loop even terug".
Ze draait zich om en begint terug te lopen.
Nog steeds overal bomen.Hoe kan dat nu?
Lila weet het niet meer.
Ze is verdwaald.
Ze blijft stilstaan, om te kijken waar ze naar toe moet lopen.
Heel ver weg hoort Lila iemand praten.
Daar zal het Hemelse Plein wel zijn, denkt ze.
"Mo, ik kom er aan", roept ze heel hard.
Lila holt naar de stem toe.

Als Lila op de plek is gekomen waar ze de stem gehoord heeft, is daar geen Kroelio.
Er zit een groenig diertje vast in een wolkenprikkelbosje.
Het diertje lijkt op een kleine Kroelio. Een Motje,maar dan met hele grote oren.
Een van die oren zit vast in de prikkels. 
Met zijn voorpootje heeft het diertje geprobeerd zijn oor los te maken.
Nu zit ook zijn voorpoot vast.
"Tutterde tutterde tut", roept het diertje. "Is er dan niemand die mij los kan maken?...Tutterde tut".
Lila vindt het wel een grappig diertje.
"Ik kan je wel helpen hoor", zegt ze.
Het diertje moet er van schrikken.
Het ziet Lila nu pas.
Een beetje bang kijkt het beestje met de grote oren naar Lila.
"Ben...ben jij ook een Tutter?", vraagt het beestje zachtjes.
Lila loopt naar het diertje toe.
"Nee, ik ben een meisje en ik heet Lila".
Voorzichtig maakt ze het grote oor en het voorpootje los.

Het diertje is zo blij dat het een rondedansje maakt.
"Dank je wel meis Lola", roept het.
"Ik heet Lila', zegt Lila. "En wie ben jij?". 
Het beestje gaat rechtop staan.
"Mijn  naam is Tut van de Toren".
Tut maakt een buiging voor Lila.
"Kom maar mee, dan zal ik je mijn toren laten zien", zegt Tut.
Lila loopt over kleine wolkenpaadjes achter Tut aan.
Af en toe moet ze bukken. En soms zelfs op handen en knieën kruipen.
Ze is eigenlijk een beetje te groot voor de smalle paadjes.
Dan komen ze op een open plek.

Tut van de Toren
Lila staat met open mond te kijken.
Op deze plek zweven hoog boven Lila een heleboel bollen.
Sommige bollen zijn doorzichtig.
De bollen zweven allemaal tegen elkaar aan.
Het lijkt wel een tros druiven, maar dan op z'n kop.
In deze bollen wonen de Tutters.
Midden tussen deze bollen staat een hele hoge toren.
Allemaal doorzichtige bollen op elkaar.
En helemaal bovenaan zit een reusachtige bol.
"Het dorpje Tutjebol", zegt Tut.
"Hier ben ik de baas. Want ik ben heer Tut van de Toren".
Tut loopt onder de bollen door naar het midden van de omgedraaide druiventros.
Hier blijft hij stilstaan.
Hij draait zijn grote oren heel strak om elkaar heen.
Dan laat Tut zijn oren los.
TJAF TJAF TJAF TJAF 
De oren draaien boven zijn hoofd rond.
Langzaam stijgt Tut van de Toren op.

Lila staat vol verbazing te kijken.
De Tutters kunnen vliegen.
Dan roept ze: "Hee, en ik dan? Ik kan niet vliegen". 
Verschrikt kijkt Tut naar beneden.
"Tutter de tut, helemaal vergeten.Ik kom zo terug  meis Lola", roept de Totentutter.
Snel vliegt hij naar boven.Even later komt hij terug.
Hij duwt met zijn achterpootjes een doorzichtige bol naar beneden
De bol landt voor Lila op de wolkengrond.
"Stap maar in...tutter de tut", heer Tut wijst naar de Bol.
Lila ziet geen deur. Ze doet haar ogen dicht en loopt vooruit.
Als ze haar ogen weer open doet zit ze in de bol.
De Torentutter is onder de bol en duwt hem langzaam weer omhoog.
Hoger en hoger...tot aan de bovenste reusachtige bol.

Even later staan Lila en Tut naar buiten te kijken.
"Wauw, ik kan over heel Kroelonia kijken", roept Lila.
"kijk daar...", wijst ze. "Daar is het luchtkasteel van de Kroelioos". 
Tut weet niet wat Kroelioos zijn. 
"Hmmmm...wil jij naar die..."regenton"...? "vraagt Tut.
Heer Tut staat met zijn neus tegen de wand van de bol naar beneden te kijken.
"Dan moet je dadelijk alsmaar rechtdoor lopen. Dan kom je er vanzelf". 
Tut loopt naar Lila toe. 
"Eerst even iets anders", zegt hij.
"Tutterdetut...jij meis Lola, hebt mij gered uit het wolkenprikkelbosje.Tuttel...
Daarom mag jij een wens doen. 
De Torentutter kan wensen laten uitkomen...Tutterdetut". 
Lila kijkt Tut verbaasd aan.
Wat zou ze nu willen wensen?
Ze denkt diep na.

Ineens weet ze het: "Ik wens...dat alles wat ik aanraak.
in chocolade veranderd".
Lila is dol op chocolade.
"Weet je het zeker?...tutter...", vraagt Tut.
Lila knikt van ja.
Tut pakt met zijn voorpootjes zijn grote oren vast.
Hij doet zijn ogen dicht en fluistert een paar woorden.
In de verte hoort Lila het rommelen.
Alsof er onweer is.
"Tutterdetut...je wens is goed...tutterdetut", zegt Tut van de Toren.

Lila blijft nog even gezellig kletsen met Tut.
De Torentutter vertelt van alles over het volk van Tut.
Maar Lila wil toch nog even naar de Kroelioos.
"Ik ken een gele Kroelio die hier heel  graag eens zou willen rondneuzen", zegt ze tegen Tut.
"Tutterdetut...hij is van harte welkom...tut...", antwoordt Tut.

Even later is Lila weer, met een van de doorzichtige bollen, naar beneden gebracht.
Ze loopt weer terug naar de Nevelwouden.
Bij de bosrand draait ze om.
Tut staat in de reusachtige bol bovenop de toren naar Lila te kijken.
Ze zwaait naar hem.
De Torentutter zwaait terug.
Dan verdwijnt Lila in het woud.

"Alsmaar rechtdoor lopen had Tut gezegd ", mompelt Lila.
Ze heeft een takje met blaadjes eraan in haar hand.
Helemaal van chocolade. 
Lila heeft al twee wolkenbomen in choco veranderd.Erg lekker.
Ineens ziet ze een bekend huisje.
Het hutje staat op de eerste tak van een wolkenboom.
Het is geschilderd in heel veel kleuren.
Onder de boom staat een bankje.
Op het bankje zit Klad Kroelio.
Zo te zien heeft hij weer een mooie regenboog geschilderd.
Klad zit dat zelf ook onder de verfkleuren.
Hij zit op het bankje te slapen.
Lila hoort hem snurken.
Ze wil Klad verrassen. Langzaam sluipt Lila achter het bankje.
Dan...doet ze haar handen voor de ogen van Klad en roept heel hard:
"KIEKEBOE".
"Kroeiit...krak".
Van schrik laat Lila Klad los.
Wat is er gebeurd? O nee, Klad Kroelio is veranderd...in een chocolade Kroelio.
Zelfs het bankje waar hij op zit is van chocolade.
"Nee, nee...dat is niet de bedoeling. Wat nu?", fluistert Lila.
"Mo...Mo weet raad", roept ze.
 Vlug rent Lila naar het Hemelse Plein. Misschien is Mo wel daar.

Op Het hemelse Plein staan Mo en Lino met elkaar te praten.
Ineens komt Lila het plein oprennen.
"Mo...Mo...help, help dan toch".
Lino en Mo kijken tegelijk naar Lila.
"Lila", roept Mo. "Leuk dat je er bent".
Mo geeft Lila een knuffel.
"Kroeiit...krak".
Verbaasd kijkt Lino naar de choco-Mo.
Hij pakt Lila bij haar arm:"Wat heb je ge...Kroeiit...krak".
En ook Lino, de paarse Kroelio, is van chocolade.
Stokstijf staat Lila voor de twee choco-Kroelioos.
De andere Kroelioos hebben het gezien en maken dat ze wegkomen.
Zachtjes begint Lila te huilen.
Wat heeft ze gedaan?
Wat moet ze nu doen?
Ze weet het niet meer...

De Torentutter denkt Lila.
De Torentutter moet mijn wens weer laten verdwijnen.
Ze draait zich om en rent terug naar het huisje van Klad.
Ze vliegt langs de choco-Klad zo de Nevelwouden in.
"Alsmaar rechtdoor, alsmaar rechtdoor', mompelt Lila.

Opeens schiet Lila de open plek op.
Hijgend staat ze rond te kijken.
Boven haar zweven de bollen.
Alleen zijn ze niet meer doorzichtig.
Ze zijn donker geworden.
Alsof iedere Tutter is gaan slapen.
Lila loopt naar het midden van de open plek.
Dan roept ze zo hard ze kan naar boven:
"HEER TUT VAN DE TOREN,WAAR BEN JE?"
Geen antwoord. Niets. Alles blijft stil.
"HEER TUT KOM NOU TOCH', schreeuwt Lila weer.
Helemaal niets.
 "Heer Tut is weg", snikt Lila.
Wat moet ze nu toch doen.
Ze weet het echt niet meer.

TJAF TJAF TJAF TJAF
Langzaam zweeft de Torentutter naar benden.
"Tutterdetut...wie durft mij te storen. Terwijl ik aan het middagtutteren ben tutterde tutje".
Heer Tut van de Toren landt voor Lila.
Zijn grote oren hangen nu weer stil.
Zij hele vacht zit in de war
Woest kijkt hij naar Lila.
"Het spijt me heel erg...Heer Tut", stamelt Lila.
Vlug maakt ze een buiging voor de Torentutter.
Tut kijkt al wat vriendelijker.
"Meis Lola, wat is er aan de hand...tutter?"
"Al mijn vriendjes zijn in chocolade verandert", snottert Lila.
"Dan heb jij een stel lekkere vriendjes", lacht Tut.
Lila kan er niet mee lachen.
Door haar tranen heen kijkt ze Tut aan.
"Ik wil die wens niet meer. Kan ik hem teruggeven? ". 
Tut kijkt schuin naar Lila.
"Een wens teruggeven? Dat heb ik nog nooit meegemaakt", zucht hij.

De Torentutter pakt zijn oren vast en fluistert een paar woorden.
TJAF TJAF TJAF TJAF
Ineens komen er nog vijf Tutters naar beneden.
"Wacht hier op ons meis Lola", zegt Tut.
Hij loopt met de vijf anderen naar de rand van de open plek.
Daar staan ze met elkaar te praten.
Even later komen de zes Tutters naar Lila toe.
Tut kijkt Lila ernstig aan.
"De wens kan teruggegeven worden. Tutter...maar...dan kan jij geen wensen meer doen. Geen enkele wens van jou zal nog uitkomen.
Tut. Wil je dat?"
Lila knikt van ja.
Het kan haar niet schelen, als de Kroelioos maar weer gewoon worden.
De zes Tutters knikken naar Lila.
Ze pakken alle zes hun grote oren vast.
Ze fluisteren weer wat woorden. 
Dan knalt er een bliksemflits door de lucht.
Even is het stil. Dan begint het te rommelen.
Even later is het weer stil...doodstil.
"Tutterde tut...de wens is er niet meer...tut", zegt Tut.
De andere Tutters stijgen weer langzaam op, naar boven.
De Torentutter pakt met zijn voorpootjes de hand van Lila vast.
"Ga maar gauw naar je vriendjes kijken. Tutterde tut.
Tot ziens meis Lola".
TJAF TJAF TJAF
Heer Tut van de Toren vliegt weer terug naar zijn toren.
"Tot ziens", fluistert Lila.

Lila rent weer door de Nevelwouden naar het huisje van Klad Kroelio.
Klad zit nog steeds op zijn bankje te slapen.
Lila stopt bij het bankje en geeft Klad een klap op zijn schouder.
Klad schrikt wakker. "Wie...wat...hoe", roept hij.
Lila geeft hem plotseling een klapzoen op zijn wang.
"Lekker klad, je smaakt naar choco", lacht lila.
En weg is ze weer. Op naar het Hemelse plein.

Lila vliegt het plein op.
Alle Kroelioos op het plein maken dat ze wegkomen.
"Gelukkig Mo je bent weer helemaal goed", hijgt Lila.
"Was ik niet goed dan? Ik hoor van de anderen rare verhalen over chocolade.
Hoe zit dat? ", vraagt Mo.
"Mo ik ga even zitten hoor. Ik heb de hele dag op en neer gerend. Ik ben doodmoe". 
Lila gaat languit op de wolkengrond liggen.
Een beetje boos zegt Mo: "Nou Lila kom op. Hoe zit dat met die chocolade?...
Lila...Lila...zeg dan wat".

Het nachtlampje schijnt nog steeds groen licht op de muur.
Lila doet haar ogen open.
Ze kijkt naar lampje.
"Weet jij wat Tutters zijn?", vraagt ze aan lampje.
Lampje weet het niet.
"Nee? Dan zal ik het je vertellen". 
In geuren en kleuren vertelt Lila het verhaal van heer Tut van de toren.

Poeh hé, dat is nog meer net goed afgelopen.
Lekker verhaal...toch!!





Joepdoei en de mazzel

DJEK  
   

























woensdag 3 juni 2015

Klad kroelio deel 2

Hallo Fans

Daar zijn we weer. Eens kijken...Klad Kroelio....o ja, ik weet het al.
Grijsje en Roezje gaan naar  Lino, in de wolkenfabriek...


Klad Kroelio


Vrolijk kletsend lopen de twee Kroelioos over het lange wolkenpad naar de fabriek.
Ze zijn de 'drijfwolken' al voorbij.
Roezje vertelt Grijsje dat als je op een drijfwolk gaat staan, 
je voeten vast blijven zitten.
Langzaam zak je dan in de wolk.
Je moet blijven wachten,tot iemand je los komt trekken.
Heel eng.
Dan staan ze op het plein voor de wolkenfabriek.
Grijsje kijkt zijn ogen uit.
"Wat is tie groot", stamelt hij.
"Ja, ja schiet maar op. Deze kant uit". 
Roezje loopt door naar de andere kant van de fabriek.
Grijsje holt achter hem aan.

Eenmaal in de wolkenfabriek, lopen de twee Kroelioos achter elkaar aan door een smalle gang.
Aan het eind van de gang zit een deur.
Roezje doet de deur open.
Daar zit Lino, achter de grote wolkencomputer.
Hij zit naar het weerbericht te kijken.
"We krijgen het nog druk", mompelt hij.
Lino

"Het moet bijna overal gaan regenen". 
"Hoi Lino", roept Roezje.
De paarse Kroelio kijkt om en zegt.
"Even wachten Roezje".
Hij drukt op een knopje van de computer en roept dan:
"Attentie...attentie...doorwerken jongens...we hebben heel veel regenwolken nodig".
Opeens roept een stem terug: "Doen we Lino".

De paarse Kroelio draait zich om.
"Wat kan ik voor je doen Roezje? ".
Roezje vertelt Lino het verhaal van Grijsje en de kleuren.
Lino zit voor zich uit te denken.
"Met alle-weertje komt er een kleurenkroelio bij".
Hij kijkt naar Grijsje.
"Meestal dan". 
"Hmmm, misschien", mompelt Lino.
"Als je lege wolkenflesjes, potjes en kannetjes in het Kroelionest zet...
kan er tijdens alle-weertje...kleur in de flesjes en potjes komen...misschien".
Lino Kroelio springt uit zijn wolkenstoel.
Hij loopt naar een kast.
In deze kast zitten allemaal lege flessen, potjes en kannetjes.
"Neem maar mee, zoveel je dragen kan".
Lino wijst naar de kast.
De twee Kroelioos bedanken de baas van de fabriek voor zijn goede raad.

Niet veel later lopen ze weer over het lange wolkenpad terug naar de Lage Nevel Wouden.
Ze gaan eerst even naar het huisje van Grijs.
Grijsje en Roezje zijn moe geworden van al dat gewandel.
Voorzichtig zetten ze alle flesjes,potjes en kannetjes op de wolkengrond.
Roezje

De twee Kroelioos zitten op het bankje onderaan de boom.
Na een tijdje zitten ze allebei te slapen, zo moe zijn ze.

Opeens schiet Grijs wakker.
Hij kijkt, half slaperig , naar de lucht.
De zon schijnt.
Er hangen daar ook wat witte en donkere wolken.
Het begint te waaien.

"Hee Roes, wakker worden. Het is bijna zover.We moeten naar het Kroelionest", schreeuwt Grijsje.
Roezje doet één oog open en kijkt omhoog.
Dan springt hij op.
"Je hebt gelijk Grijs, het is bijna alle-weertje", mompelt Roezje.
De twee Kroelioos pakken vlug alle potjes, flessen en kannen.
Even later hollen ze naar de oeroude wolkenboom.

In een mum van tijd zijn ze boven.
Vlug zetten ze hun spulletjes op de bodem van het nest.
Op hetzelfde moment botsen er boven het nest, twee zwarte wolken tegen elkaar.
Een grote bliksemschicht schiet naar beneden.
Grijsje en Roezje springen net op tijd opzij.
Dat scheelde niet veel.
Daarna begint het te plenzen van de regen.
Het begint zelfs te stormen.
De twee Kroelioos zitten tegen elkaar aan, onder de rand van het nest.
Ze knijpen hun oogjes stijf dicht.
Hun voorpootjes houden ze tegen hun flapoortjes.

Even later is alles voorbij.
De twee Kroelioos durven hun oogjes weer open te doen.
Deze keer is er geen nieuwe Kroelio te bekennen.
Mischien dat de nieuweling al weg is, wie weet.
Maar...wat zien ze wel?
Alle potjes,pannetjes en flesjes zitten vol kleur.
In de meeste spulletjes zit de kleur rood.
Maar ook roze en oranje.
Hier en daar zelfs bruin.
Roezje en Grijsje kijken hun ogen uit.
"Gelukt", roept Roezje. "Oppakken en wegwezen".
Zo gezegd zo gedaan.

Grijsje zit voor zijn huisje op de grond.
Overal om hem heen staan de flesjes, pannen en potjes met kleur.
Hij kijkt aandachtig naar de kleuren.
Hij pakt het flesje met de bruine kleur.
Steekt er zijn voorpootje in en smeert de kleur op het bankje.
Niet veel later heeft Grijsje een bruin bankje voor zijn huisje staan.
Hij vindt het zelf heeeeeeeeeeel mooi.

Roezje is weer naar het luchtkasteel gegaan.
Hij vertelt het hele  kleurenverhaal tegen iedere Kroelio die hij tegenkomt.

Grijsje heeft de smaak te pakken.
Hij heeft zijn hele huisje geschilderd.
Van buiten en van binnen.
Buiten heeft ie veel oranje en bruin gebruikt.
Binnen ook roze.
Hij heeft ook kleuren bij elkaar gedaan.
Goed schudden.
Dan krijg je weer een andere kleur.
Hij heeft ontdekt dat je ook gouden randjes om wolken kan tekenen.
Dat ziet er prachtig uit.

Roezje rent over het Hemelse Plein naar het luchtkasteel.
Als hij naar binnen wil gaan, komt Mo naar buiten.
Roezje knalt zo tegen Mo aan.
"Ho, ho wat heb jij een haast zeg", bromt de Gele Kroelio.
"Sorry Mo, sorry", stamelt Roezje.
Hij helpt Mo weer op zijn pootjes.
"Heb je het al gehoord van Grijsje? ", vraagt Roezje aan Mo.

Mo kijkt hem verbaast aan.
"Nee, wat dan?".
Roezje vertelt, voor de zoveelste keer, het verhaal van Grijsje en de kleuren.
Mo

"Hmmm", zegt Mo. "Dat ga ik eens bekijken".
"Zal ik met je meelopen Mo?. Ik wilde toch al naar Grijsje gaan", stelt Roezje voor.
Mo knikt naar Roezje.
Samen lopen ze naar de Lage Nevel Wouden.

Bij het huisje van Grijs is het behoorlijk druk.
Veel Kroelioos willen met  eigen ogen zien wat de grijze Kroelio uitspookt.
Ook Mo en Roezje staan te kijken.
Grijsje zit boven op een wolk, vlakbij zijn huisje.
Hij schildert net het laatste gouden randje
De Kroelioos beginnen te joelen en te roepen.
Wat mooi Grijsje, goed gedaan.
Hoor je overal.

Even later is Grijsje weer beneden.
Veel Kroelioos slaan hem op zijn schouder.
Sommigen geven een voorpoot.
Mo gaat naar hem toe.
"Gewoon weg prachtig. Ik kan niet anders zeggen", zegt Mo.
"Zou je morgen misschien naar het kasteel kunnen komen? Ik heb een opdracht voor jou".
"Ja Mo. graag Mo", knikt Grijsje.

De volgende morgen lopen Grijs en Mo over het Hemelse Plein.
Mo vertelt: "Weet je Grijs, het Hemelse Plein is een aparte wolk.
Als je naar een andere wolk wil zal je over een van de drie 'boogbruggen" moeten gaan.
Er is ook nog een "wolkhangbrug" die naar het wolkenpad  gaat.
Dan zijn er nog de stapwolken  naar de 'blaastoeter'.
Het gaat nu even over de boogbruggen".
Ondertussen zijn ze bij een van de bruggen gekomen.
"Zie je wat ik bedoel?", Mo wijst naar de brug. "Een hele mooie brug. Maar een beetje saai.
Als jij hem nu eens mooi inkleurt".
Grijsje kijkt naar de boogbrug.
"Hmmm,.In welke kleur zal ik hem schilderen Mo? ", vraagt hij.
"Dat maakt niet uit Grijs. Jij zal wel een mooie kleur weten", antwoordt Mo.
"Ik ga meteen beginnen", roept de grijze Kroelio.

Diezelfde middag loopt Grijsje samen met zijn vriend Roezje over het plein naar de brug.
Ze hebben alle potjes, kannetjes en pannetjes met kleur meegenomen.
Daar zetten ze alle spulletjes op de wolkengrond.
"Veel plezier", roept Roezje terwijl hij terugloopt naar het luchtkasteel.
Grijsje begint te werken.
Hij gaat kleuren mengen.
Als hij een nieuwe kleur wil maken, veegt hij zijn pootjes af .
Aan zijn buik,oren, neus en ook aan zijn voetjes.
Bedenkelijk kijkt hij naar de kleuren.
Welke kleur is het mooist?
Hij vindt ze allemaal even prachtig.
Welke kleur past er bij de brug?
"Weet je wat? ", mompelt Grijsje. "Ik gebruik gewoon alle kleuren".

 Eerst schildert hij een rode streep over de hele brug.
Van voren naar achteren.
Daar boven maakt hij een gele streep
Daar boven weer een groene streep.
Zo gaat hij door tot alle kleuren gebruikt zijn.
Grijsje laat zich op zijn achterwerk vallen en kijkt naar de kleurige strepenbrug.


Roezje en Mo komen ook eens kijken.
Stippel en Spikkel zijn er al.
Er komen steeds meer Kroelioos bij.
"Het spijt me Mo. Ik kan niet kiezen. Alle kleuren zijn even mooi", fluistert Grijsje.
"Hé", roept Stippel ineens. "Is die brug nat? Is de kleur nog niet helemaal droog? Alsof het regent".
"Ooooooh...wat een mooie 'regenboog-brug', zucht Spikkel.
Roezje zegt: "Ja grijs, ik zou de brug zo laten, Erg mooi".
Mo de Kroelio is het hier helemaal mee eens.
"De andere boogbruggen mag je ook schilderen, Grijs", zegt hij.
Alle Kroelioos beginnen te juichen.


"Grijs,Grijs,Grijs", roept Roezje ineens.
"Man wat zie jij eruit. Je hebt jezelf helemaal onder gekladderd".
Roezje loopt naar Grijs toe.
Gaat recht voor hem staan.
Legt een voorpoot op de schouder van Grijsje.
Klad Kroelio

Roes trekt een belangrijk gezicht.
"Vanaf nu heet jij geen Grijsje meer, maar 'Klad Kroelio' .
Schilder en beste inkleurder van het hele wolkenrijk".
De grijze Kroelio vindt Klad ook een mooie naam.
Gelukkig maar.

En zo is Grijsje Kroelio, Klad Kroelio geworden.
Schilder van vele regenbogen. Gouden randjes en nog veel meer.

Het was even spannend. Maar eind goed al goed. 
Dus...als jullie een regenboog zien...dan weten jullie wie die geschilderd heeft.




Joepdoei en de mazzel !!!

  DJEK 







































woensdag 20 mei 2015

Klad Kroelio

Hallo Fans

Wat is het warm zeg. Het lijkt wel of de wolkenfabriek in staking is. Geen regenwolkje te zien. Gelukkig is Bolle Jan de wind er nog. 
Hij blaast een lekker briesje over het land. Dank je wel Jan.



Mo de Kroelio zit op een bankje in het park.
In zijn voorpootje heeft hij een ballon.
Hij heeft deze mooie rode ballon gekregen van een aardige mevrouw.
Vol trots kijkt Mo naar zijn ballon. 

Naast Mo zit een boer op het bankje.
De boer zit een grote sigaar te roken.
Hij wijst met zijn sigaar naar de ballon en zegt:
"Zeg es mien jong, wat is da veur 'n ding".
"Dat is een ballon meneer", antwoordt Mo
Verbaasd kijkt de boer naar de ballon.
Ineens houdt hij zijn sigaar tegen de ballon.

PANG

De ballon is kapot.
Verschrikt kijkt Mo naar de boer.
"Oo", zegt de boer. "Het is 'n scheet met een velleke dur om".   
Hij steekt de sigaar weer in zijn mond
en rookt rustig verder.

Erg hé, voor Mo

Een vrolijker verhaal nu... over een nieuwe Kroelio

Klad Kroelio

Hoog, heel hoog tegen het oneindige aan...
drijft het grote wolkenrijk Kroelonia.
Hier wonen de Kroelioos.
Ze lijken een beetje op jonge hondjes.
Ze hebben mooie flapoortjes en een leuke mopsneus. 
Kroelioos zijn er in heel veel kleuren.

Als je zeker weet dat Kroelioos bestaan...
Dan kun je in je dromen naar Kroelonia gaan.

Op een mooie middag is Mo de Kroelio op weg naar de Lage Nevel Wouden.
In deze Nevelwouden staat de Oeroude Wolkenboom.
De gele Kroelio gaat hier graag naar toe.
Want boven in deze boom zit het "Kroelio-nest".
Mo


Mo wrijft in zijn voorpootjes van plezier.
Vandaag is het "alle-weertje".
Dan regent, bliksemt, sneeuwt, schijnt de zon, waait en hagelt het tegelijk.
En dan komt er meestal een nieuwe Kroelio bij.
Dat gebeurt allemaal boven in de Oeroude Wolkenboom.
Mo is nieuwsgierig.
Welke kleur zou de nieuwe Kroelio deze keer worden?

Even later is hij bij de oude reusachtige wolkenboom.
Rond de stam zit een kringlooppadwolk.
Mo kan zo gemakkelijk naar de top van de boom lopen.
Dan is Mo bij het Kroelio-nest.
In het nest liggen allemaal heerlijk zachte schapenwolkjes.
Hier en daar zit nog een sliertje mist.

Mo gaat op de rand van het nest zitten en kijkt omhoog.
Mooi op tijd, denkt hij.
Boven de boom worden de wolken donker.
Alle-weertje gaat beginnen.
Ineens, een bliksemflits.
Daarna een paar regendruppels.
Het begint zachtjes te waaien.

Opeens gaat de wind weer liggen.
En daarna...niets.
Mo springt op. 
"Was dat alles?" roept hij.
"Ik heb me zeker in de dag vergist", mompelt Mo
Hij wil weer naar beneden gaan.
Dan 'poef'...

Poef? denkt Mo.
Langzaam draait hij zich om.
Midden in het nest, op de schapenwolkjes, zit een soort grijze vlek
 met zwarte oogjes.
Mo moet goed kijken. Maar dan ziet hij in die vlek toch een nieuwe Kroelio.
De nieuweling staat op en kijkt om zich heen.
Mo ziet hem bijna niet.
Hij heeft ongeveer dezelfde kleur als de wolken om hem heen.
"Welkom op Kroelonia", roept Mo weer.
Hij loopt naar de nieuwe Kroelio toe.
Pakt hem bij zijn oren en zegt: 
"Omdat jij zo mooi grijs bent, noem ik je 'Grijsje'.
Ga je mee dan gaan we naar de andere Kroelioos".
De nieuwe Kroelio kijkt Mo raar aan. 
Hij gaat toch maar mee.
Even later lopen Mo en Grijsje over het Hemelse plein naar het wolkenkasteel.

Alle Kroelioos komen kennis maken met Grijsje.
Veel Kroelioos lopen per ongelijk tegen hem aan.
Ze zien hem niet, met al die wolken van het wolkenrijk om hem heen.
Roezje, de rode Kroelio, neemt Grijsje mee.
Samen gaan ze alles van het paleis bekijken.
De kamertjes waar de Kroelioos wonen. De trapjes en balkonnetjes.
De grote wolkenzaal beneden, waar feesten gehouden worden.
De grote keuken. Hier maakt Leon Kroelio, de keukenprins, zijn wolkenhapjes.
Roezje en Grijsje worden al snel vriendjes.
Grijsje mag zolang bij Roezje logeren.

Na een paar dagen zijn de Kroelioos aan Grijsje gewend.
Ze weten dat hij er is...
maar ze zien hem nog steeds niet.
Want hij is net zo grijs als de wolken.
Ze lopen langs hem heen zonder iets te zeggen.
Zelfs Roezje ziet hem soms niet staan.
Grijsje denkt dat de Kroelioos hem niet meer leuk vinden.
Hij besluit terug te gaan naar de Lage Nevel Wouden.

Even later loopt Grijsje door het kasteel naar de buitendeur.
De Kroelioos zijn allemaal druk bezig.
Stippel en Spikkel rollen van 'wolk' grote bollen.
Daarna zetten ze de bollen op elkaar. 
Zo maken ze een Kroelio van wolk.
Een groepje andere Kroelioos gaat, al druk pratend, op weg naar de wolkenfabriek.
Want er moet ook gewerkt worden.
Leon Kroelio staat in zijn potten en pannen te kijken.  
Hij staat te bedenken wat voor lekkere hapjes hij nu weer eens zal gaan maken.
Grijsje sluipt achter het druk pratende groepje Kroelioos aan.
Zo...de buitendeur uit.
Hij loopt snel door.
Als hij vlak bij de Nevelwouden is, kijkt Grijsje om naar het  luchtkasteel.
Daar is het nog een drukte van belang.
Zie je wel, denkt Grijsje, er is niemand die mij mist.
Verdrietig draait hij zich om en verdwijnt in de Nevelwouden.

Vlakbij de oeroude wolkenboom heeft Grijsje zijn huisje gebouwd.
Het hutje staat op de eerste tak van een lage boom.
Het huisje heeft twee kamertjes.
Een om in te slapen en een om in te wonen.
Alles is gemaakt van wolk.
Zo ook het bankje onderaan de voet van de Boom.


Op een dag zit Grijsje op zijn bankje voor zich uit te staren.
Niks aan, denkt hij. Bijna alles is dezelfde kleur.
Dit is maar een saai wolkenland.
"Wat zou het er mooi uitzien, als alles gekleurd zou zijn", zegt de grijze Kroelio hardop.
"GRIJS...Grijsje...waar ben je ? "
Verschrikt kijkt Grijsje om zich heen. 
Wie roept daar.
In de verte ziet hij een rode vlek dichterbij komen. 
Het is Roezje.
Grijsje gaat boven op zijn bankje staan en begint te roepen en te zwaaien.
"Joehoe, Roezje...hier ben ik".

Even later is Roezje bij Grijsje.
"Man,man waar heb jij gezeten?Iedereen is naar je op zoek". 
Grijsje kijkt een beetje beteuterd.
"Niemand vindt mij nog aardig. Daarom ben ik weggegaan", fluistert hij.
"Wat is dat nu weer voor onzin", roept Roezje.
"Iedereen is juist heel erg ongerust". 
"Het spijt me heel erg", snikt Grijsje.
"Al goed, al goed", zegt de rode Kroelio.
"Wat is er nu eigenlijk aan de hand?"
Grijsje vertelt Roezje het hele verhaal. 
Dat alles zo grijs en saai is. Dat hij graag veel kleuren zou willen zien.
Dat Kroelonia dan veel leuker en mooier zou zijn.
"Tsja, tsja", mompelt Roezje.
"Hoe komen we aan kleur?"
Even kijken de twee Kroelioos elkaar aan. 
"Lino... Lino moet het weten", roept Roezje opeens.
"Je weet wel, de baas van de wolkenfabriek".
Grijsje schudt van nee met zijn hoofd. Hij kent lino niet.
"Kom mee naar de wolkenfabriek. We gaan het hem gewoon vragen". 
Roezje trekt grijsje aan zijn voorpoot mee.



Hoe zal dat aflopen ? Weet Lino wat ze moeten doen? Zal er kleur gevonden worden?
Ik weet het niet.
We zullen de Kroelioos even met rust laten.

Binnenkort  deel 2 


Joepdoei en de mazzel

DJEK      
Roezje