zondag 9 november 2014

Zeurpieten

Hallo Fans

Het begint alweer kouder te worden.
De zomer is voorbij.
Voordat je het weet is het weer Kerstmis.
Dan komt de Kerstman.
En wie komt er vóórdat de Kerstman komt?
Juist...Sinterklaas.
Maar...of hij dit jaar komt?...dat is nog niet zeker!!!


Zeurpieten.

Hoog, heel hoog, tegen het oneindige aan zweeft...een vogel.
Het is geen grote vogel, maar ook geen kleine vogel. Meer een 'tussenin' vogel.
Hij is helemaal grijs van kleur. Behalve zijn buik en kop, die zijn wit.
Op zijn kop draagt hij een zwarte pet.
Op de voorkant van deze pet staat een gouden letter "P".
De P van Post.
Op zijn rode snavel staat een rond brilletje. 
Om zijn nek hangt een zwarte tas, met daarop ook een gouden letter "P".
Het is de "E-meeuw". 

De E-meeuw rust even uit op een kleine wolk. 
Hij heeft een doekje uit zijn tas gehaald. Hiermee poetst hij zijn brillenglazen. 
De E-meeuw ziet niet meer zo goed. Eigenlijk heeft hij een nieuwe bril nodig.
Maar ja...druk, druk, druk...geen tijd dus.
"Genoeg gelummeld", mompelt de meeuw. "De brief moet naar ene Mo de Kroel...dinges of zoiets. Waar zou die zijn? Hij moet hier wonen en hij ziet geel."
De E-meeuw vliegt verder naar Kroelonia.

Op het Hemelse Plein staat een grote regenton. Dat is het "Luchtkasteel". 
De meeste Kroelioos wonen in het kasteel.
Zo ook Mo de Kroelio.

Mo komt net naar buiten gelopen.
Dan hoort hij gefladder.
Vlak Langs Mo ploft er iets op de wolkengrond.
Boven uit een hoopje wolken steekt een verenstaart.
Mo herkent de meeuwenkont meteen.
"Hé, meneer Meeuw", roept Mo. "Wat komt u hier doen?"
"Ahum", zegt de E-meeuw. Hij gaat vlug staan.
"Bent u Mo den Kroeldingens?", vraagt hij aan de Kroelio.
"Jawel, meneer den Meeuw", antwoordt Mo.
De meeuw haalt een hele grote enveloppe uit zijn tas. Hij gaat rechtop staan met zijn snavel in de lucht.
"Accepteert u de zending?", vraagt de E-meeuw deftig.
Mo kijkt de vogel schuin aan. 
"Ja, ja...geef maar hier", zegt hij ongeduldig. Mo trekt de brief zo uit de vleugel van de meeuw.
"Dan zal ik dat even aan de afzender gaan melden", zegt de meeuw weer deftig.
Hij draait zich om en begint over de wolkengrond te rennen.
Vlak voor het einde van de wolk stijgt de E-meeuw op en vliegt weg.

Mo heeft niet meer op de vogel gelet.
Hij heeft de enveloppe opengescheurd. Aandachtig leest hij de brief.
Aan zijn gezicht te zien is het geen leuke brief.
"Dit moeten de andere Kroelioos ook weten", mompelt Mo.
Dan draait hij zich om en rent terug naar het luchtkasteel.

Even later gaan Loe-wis, Spikkel en Roezje de andere Kroelioos halen.
Loe-Wis


Na een tijdje is iedereen in de grote hal van het kasteel. Vooraan staat Mo, met de brief in zijn voorpootjes.
"Stilte, stilte!", roept hij. De Kroelioos zijn stil.
Roezje

"Jullie kennen allemaal Sint en Piet", gaat Mo verder. Alle Kroelioos knikken van 'ja'.
Mo zegt: "Jullie weten ook dat Sint en Piet ieder jaar naar Nederland gaan. Als Sint jarig is deelt hij cadeautjes uit aan de Nederlandse kindertjes."
Weer knikken alle Kroelioos.
Ernstig vertelt Mo: "In Nederland maken de mensen ruzie om Sint en Piet. Dat doen ze al een paar jaar. En ieder jaar wordt het erger. Sint en Piet worden van al dat geruzie erg verdrietig. Sinterklaas is er zelfs ziek van
Spikkel
geworden."

"Daarom komen Sint en Piet NIET naar Nederland."
Geschrokken kijken de Kroelioos elkaar aan.
"Maar, maar", piept Ferd. "Hoe moet dat dan...?" 
"Arme kindertjes", snikt Spikkel.
Mo kijkt de andere Kroelioos aan.
"De Sint vraagt of WIJ de cadeautjes willen uitdelen."
"Gaan wij Sinterklaas helpen?" 
Alle Kroelioos roepen heel hard: "JA, DAT GAAN WE DOEN!" Dan begint iedereen door elkaar te praten.
Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, denkt Mo.

De volgende dagen is het een drukte van belang in Kroelonia. Het is al bijna pakjesavond en er is nog zo veel te doen.
Spikkel en Stippel zijn naar de Hoge Wolkenbergen gegaan. Daar zoeken zij de kleine Kroelioos. De Motjes. 
Loe-wis en Ferd zijn op zoek naar de Tutters. Deze Tutters wonen in de Nevelwouden. Met hun grote oren kunnen Tutters vliegen. Ze helpen de Dromenbrouwers en Klaas Vaak.
Oran vertrekt naar het Woeste Westen Wolkenland
Leon 
. Op de Stapelwolkenvlakte vlakbij de heuvels van Oen staan de hutjes van de Tippie-tippie stam. Fel gekleurde gestreepte Kroelioos. Pivo is de bekendste Tippie-tippie.

Leon , de keukenprins, maakt lekkere wolkenhapjes. Niemand hoeft honger te krijgen. Alle hulp is hard nodig. Iedereen moet meehelpen. Want niemand weet hoeveel cadeautjes er uitgedeeld moeten worden.

Nog één nachtje slapen dan is het 5 december. Mo staat op het dak van het  luchtkasteel. de Motjes zijn al aangekomen. Tjaf, tjaf, tjaf... De Tutters komen aanvliegen.
de Tippi-tippi's zijn er bijna. Alles is op tijd behalve...de cadeautjes. Mo begint een beetje ongerust te worden.
Piet zou alles opsturen. Ieder geschenk en ieder cadeau, groot of klein.

5 december.
Iedereen staat op het Hemelse plein te wachten. Nog steeds geen presentjes. De Kroelioos, Motjes, Tutters en Tippi's kijken elkaar verdrietig aan.
Dit jaar geen cadeautjes voor de Nederlandse kindertjes.

Mo staat nog steeds op het dak van het kasteel. Lino staat naast hem. Hij slaat zijn voorpoot om de schouders van zijn vriend.
"Mo we hebben ons best gedaan. Meer kunnen we niet doen", zegt Lino.
"Waar zijn de presentjes gebleven?", fluister Mo. "Hoe zit dat?"
Lino
 


Ineens horen ze iemand roepen. "Ho, ho...ho, ho, ho." De twee Kroelioos kijken tegelijk omhoog. Daar komt een slee aangevlogen. Voor de slee vliegen er rendieren. "Ho, ho, ho", klinkt het weer. De Kroelioos kijken elkaar aan.
"De Kerstman?" roepen ze tegelijk.
De slee gaat landen. 
"Ho, ho, ho...ho, STOP DAN TOCH!!!!" Dan, een enorme PLOF.
Op het Hemelse Plein ligt alles door elkaar. Kroelioos, rendieren, een slee en een kerstman. Maar ook duizenden cadeautjes.

Lino en Mo zijn als de wiedeweerga van het dak naar beneden gekomen. Geschrokken lopen ze over het plein naar de Kerstman.
"Meneer Klaus...alles goed met u?", vraagt Lino aan de kerstman.
"Al goed, al goed...Ho, ho, ho", antwoordt Klaus. De andere Kroelioos zijn al bezig met de rendieren weer naar de arrenslee te brengen.
De kerstman zegt: "Het is de eerste vlieg-rit voor de rendieren. Volgens mij hebben ze nog 'stuifsneeuw' in hun oren. Hoe hard ik ook roep...ze horen me niet...ho, ho, ho."
Klaus haalt zijn schouders op. Niks meer aan te doen.
"De rendieren zijn alleen maar geschrokken. Dat komt wel goed", zegt Mo

Ondertussen zijn Mo en de kerstman naar het kasteel gelopen. Leon heeft vlug nog wat hapjes gemaakt. Speciaal voor de kerstman. Klaus is namelijk dol op de wolkenhapjes van Leon.
In de grote hal zitten Mo en Klaus aan een lange tafel.
Mo vraagt aan Klaus: "Hoe komt u nu aan al die cadeautjes?"
"Dat ...mijn beste Mo...is een raadselachtig raadsel", fluistert Klaus geheimzinnig. "Vanmorgen toen ik uit het raam keek van mijn huisje op de Noordpool, zag ik overal pakjes liggen. Dat is raar want het is nog lang geen Kerstmis. Misschien een vergissing van mijn Alven? Maar nee, zij weten ook niet waar al deze presentjes vandaan komen. De Alven hebben alles verzameld. Ze hebben ook dit gevonden." De kerstman haalt een kaartje uit zijn broekzak. Hij geeft het aan Mo.
Mo leest: "Afleveren bij Mo de Kroelio, Kroelonia."
"Maar...maar", stamelt Mo. "Dat zijn de cadeautjes van Sinterklaas!!!"
"De E-meeuw heeft ze verkeerd bezorgd. Hij heeft echt een nieuwe bril nodig hoor."

Het is nu heel stil geworden op het plein en in het kasteel.
Iedereen kijkt verbaasd naar Mo.
"Hoera", roept Mo. "De presentjes voor de kinderen zijn er."
"Hoera", roepen de andere Kroelioos. Mo wil opstaan om de Kroelioos te gaan vertellen wat er nu gedaan moet worden. De kerstman houdt hem tegen.
"Zeg Mo, hoe zit dat nu met mijn goede vriend Sint Nicolaas?" 
Mo vertelt Klaus het hele verhaal. Over de ruziemakers in Nederland en dat Sint ziek is geworden.
"Hmmmm", zegt de kerstman en hij wrijft met zijn hand door zijn baard.
"Waar maken die ruziemakers dan ruzie om?", vraagt hij aan Mo.
Mo antwoordt: "Ze zeggen dat Piet te zwart is."
Verbaasd kijkt Klaus Mo aan. 
"Zwarte Piet is toch altijd zwart, of niet soms? Die Nederlanders zijn zelf pieten. Maar dan wel ZEURPIETEN...ho, ho, ho", buldert de kerstman.

Daar moet Mo ook wel om lachen.
"We moeten nu toch echt opschieten hoor", zegt hij tegen Klaus.
"We weten nog niet hoe we al die cadeautjes bij de kinderen moeten brengen."
"Hmmmm", zegt de kerstman weer. Hij wrijft nog eens door zijn baard.
"Misschien dat ik jullie wel kan helpen. De rendieren moeten toch nog een beetje oefenen met vliegen. Als de Tutters de stuifsneeuw uit hun oren blazen zal dat wel goed gaan. Dus kan ik wel een extra rondje vliegen. Krijgen de kinderen toch nog hun presentjes. Wat denk je ervan?", vraagt Klaus.
Mo en de Kroelioos vinden dat een uitstekend idee.
"Maar...dan wil ik wel Leon Kroelio een paar dagen lenen. Die maakt zulke lekkere hapjes. Die wil ik ook op de Noordpool. Afgesproken?", vraagt de kerstman weer.
Leon de keukenprins vindt het wel leuk om eens naar de Noordpool te gaan.
Dus afgesproken.

Even later zijn de arrenslee en rendieren klaar om te vertrekken. De Kerstman en Leon staan voor de slee. 
Mo zegt; "Het is wel erg laat. Ik weet niet of je alle cadeau's op tijd kunt brengen."
De Kerstman haalt zijn schouders op. 
"Wat te laat is neem ik gewoon met Kerstmis mee", zegt Klaus.
"Het komt allemaal goed, Mo". De kerstman en Leon stappen in de slee.
"Ho, ho, ho,...ho", roepen Klaus en Leon tegelijk.
Daar stijgt de slee op. Leon zwaait nog eens naar de Kroelioos.
Alle Kroelioos zwaaien terug.

Mo zegt tegen Lino: "Ik hoop dat dat geruzie van die Nederlanders volgend jaar afgelopen is. Kunnen Sint en Piet gewoon weer met de boot naar Nederland komen." 
"Ben ik het helemaal mee eens", zucht Lino.
Ferd
"Mo,...Mo...", roept Ferd. "Mag ik iets vragen?"
Mo kijkt hem aan.
"Euhh,...wie maakt er nu iets te eten voor ons...nu Leon een paar dagen weg is?"
"O...dat doe ik wel. Ik flans wel iets in elkaar", zegt Lino.
Alle Kroelioos doen hun voorpootjes bij hun mond. En roepen allemaal tegelijk: "LEON...KOM TERUG...ASJEBLIEEEEEEEEEEEEEEEEFT!"

Hoog, heel hoog tegen het oneindige aan...zit de E-meeuw op een wolkje. Hij heeft zijn brillenglazen al gepoetst. De meeuw heeft een geboortekaartje in zijn vleugel. Op de voorkant staat een ooievaar getekend. De ooievaar heeft een doek aan zijn snavel hangen. Uit de doek steken allemaal gekleurde koppies. Achterop de kaart staat geschreven:
"Er is een wonder gebeurd in Sinterklaasland. Er zijn 'gekleurde' Pietjes geboren. Hoera!"
"Ha, ha...", lacht de E- meeuw. "Dat kan volgend jaar wel eens een gekleurd Pietenfeest worden. Ha...ha."

Jonges, jongens. Wat een gedoe weer dit jaar. Als ik het goed heb begrepen dan krijgen er kinderen met Sinterklaas cadeautjes...andere met Kerstmis...en weer anderen met Sinterklaas EN met Kerstmis. 

Als dat maar goed gaat!!!
Leuke feestdagen allemaal.




Joepdoei en de mazzel !!!

DJEK 



























  


























zaterdag 5 juli 2014

Mo de Kroelio en de verdrietige sokken

Hallo fans

Zitten jullie al klaar voor het volgende verhaal?
Hebben jullie er zin in?
Goed, daar komt ie!!!

Een Mo de Kroelio verhaal


Mo, de gele Kroelio met de rode neus, is vanaf het grote wolkenrijk Kroelonia
naar de aarde gevallen.
Mo doet niets liever dan spannende avonturen beleven. Of rare dingen ontdekken.
Wat voor ons heel gewoon is, is voor een Kroelio soms erg vreemd.

Op een van zijn avonturen is hij oma tegen gekomen.
Oma woont, helemaal alleen, in een heel groot huis. Ze heeft Mo gevraagd of hij een keertje wil komen logeren.
Mo heeft natuurlijk meteen ja gezegd. In zo'n groot huis valt van alles te beleven, denkt hij.
Mo Logeert nu al een paar dagen bij oma.


Mo de Kroelio en de verdrietige sokken



In het grote oude huis van oma zijn heel veel kamers.
Grote kamers en ook kleine kamers.
Veel te zien...veel te doen voor een nieuwsgierige Kroelio.
Zo heeft Mo in alle slaapkamers onder alle bedden gekeken.
Om de bedmonsters weg te jagen...en ja hoor ze zijn allemaal weg.
Op een avond heeft oma alle lichten uitgedaan.
Met alleen één kaars in zijn voorpootjes heeft Mo door het huis gelopen.
De kaars toverde een heleboel grote schaduwen op de muur. Best eng!

Vandaag zit Mo op zolder.
Het is een beetje donker op zolder.
Mo is niet bang in het donker hoor.
Midden op zolder staat een grote stoel met een laken eroverheen.
"Het lijkt wel een spook", lacht Mo.
Hij gaat in de grote stoel zitten.
Opeens ziet hij, achteraan op zolder, een kast staan.

In de kast zitten een heleboel laatjes.
Mo roept: "Waauw, Wat zou er inzitten?"
Hij trekt de bovenste laatjes open.
In ieder laatje zit wel een 'schat'.
Achtergelaten door piraten,denkt Mo.
In de ene la zitten 'piraten-oorbellen'. 
In de andere la  brieven in een enveloppe.
"Schatkaarten", mompelt Mo.
Onderaan de kast zit één grote la.
Mo wil de la opentrekken...

PWEET, PWEET.
Wat is dat?
"Leuk muisjes" , roept Mo
"Oma heeft muisjes op zolder". 
Hij kijkt in de la.
Geen muisjes...maar... sokken.
Veel sokken in allerlei kleuren. Op sommige sokken staan mooie plaatjes.
"Pweet, pweet", snikt een rode sok.
De andere sokken kijken ook niet vrolijk.

"Wat is er met jullie aan de hand?" vraagt Mo aan de rode sok.
"Wij zijn zo alleen", huilt het rode sokje.
"De hele la zit vol met sokken. Hoe kun je dan alleen zijn ?", vraagt Mo weer.
"Vroeger", vertelt de sok. "Vroeger waren wij met z'n tweeën . Toen waren wij een paar".
"Ja, een paar sokken", zegt Mo. Daar heeft hij weleens van gehoord.
"Als we vuil zijn, moeten wij in een groot wit ding", zegt een groene sok met witte stippen.
"In dat ding zit een raam. Opeens komt er water in en dan zeep", fluistert een geel sokje.
"We worden helemaal door elkaar geklutst. En als we weer schoon zijn...gaat dat ding heel hard draaien", schreeuwt de rode sok.
"Daarna worden we uit het ding gehaald.Oma hangt ons dan buiten op, om te drogen", zucht een oranje sok.
Mo mompelt; "Ja zo gaat dat met sokken".

"En soms raken er dan sokken kwijt", fluistert het gele sokje verdrietig.
Dan blijft er altijd één over", snikt de rode sok weer.
"Mensen willen altijd twee dezelfde sokken aan. Altijd twee van dezelfde kleur, of met dezelfde tekening. Nooit twee apart", zegt  de groene sok met de witte stippen.
"En daarom zijn wij nu op deze donkere zolder", zucht een paarse sok.
Mo vindt dat maar saai. Altijd twee dezelfde sokken.
Hij heeft medelijden met de verdrietige sokken.
Mo denkt even na. Hij krabbelt ondertussen aan zijn kin. Dat doet hij altijd als hij nadenkt.
"Weet je wat", zegt Mo. " Ik neem jullie allemaal mee naar beneden. Misschien dat oma weet waar de andere sokken zijn".

Zo gezegd, zo gedaan.
Mo heeft de verdrietige sokken in een doos gedaan.
Langzaam loopt hij de zoldertrap af. Dat valt nog niet mee met zo'n grote doos voor je neus.
Even later is hij beneden.
In de woonkamer zit oma in haar schommelstoel.
Mo hoort het tikken van breinaalden
Oma houdt haar breiwerkje omhoog. " Kijk eens Mo,voor jou".
"O, wat mooi ", roept Mo. "Een boekenplank". 
"Nee, gekkie, het is een sjaal. Voor als het koud wordt, in de winter". 
Mo kijkt een beetje raar naar de sjaal. Dan denkt hij weer aan zijn doos met verdrietige vriendjes.

Hij vertelt oma het hele verhaal van de verdrietige sokken.
Oma kijkt in de doos.
"Hee", roept ze. "Die sokken ken ik. Die heb ik lang niet gezien". 
Oma gaat naar de keuken.
Ze komt terug met nog een doos.
Mo kijkt in deze doos.
Allemaal dezelfde sokken als in zijn doos.
"Hoera ", roept hij. "De verloren sokken zijn teruggevonden".

Samen met oma legt Mo alle zelfde sokken bij elkaar.
De verdrietige sokken zijn niet verdrietig meer.
Ze kunnen weer lachen.
Oma kan ook lachen. Ze heeft weer een heleboel sokken-paren om aan te trekken.
Mo is ook blij dat alles goed afgelopen is.

Toen kwam er een olifant met een hele lange snuit...
Die blies dit verhaaltje helemaal ...uit!


Joepdoei en de mazzel !!!


 DJEK 

donderdag 1 mei 2014

Mo de Kroelio en de koe

Hallo Fans

In mei leggen alle vogeltjes een ei...
Kroelioos niet.
Ze komen wel uit een nest, maar zelf eieren leggen...nee.
Ze gaan liever de wijde wereld in.

Maar eerst even dit

Kroeliaanse wijsheid.

Angst is...
het verkeerd gebruiken van 
intelligentie

Dat klopt helemaal.
Weet je wie er helemaal niet bang is?
Mo de Kroelio. 
(Nou, meestal niet bang)
Heb ik wel eens vertelt hoe Mo eigenlijk bij ons terecht is gekomen?

Even in het kort.
Hoog heel hoog, tegen de blauwe lucht aan, drijft het wolkenrijk Kroelonia.
Op of in Kroelonia wonen de Koelioos.

Kroelioos lijken op kleine hondjes.
Ze hebben een leuke mopsneus en mooie flapoortjes.
Ze kunnen ook een beetje praten.
Kroelioos zijn er in heel veel kleuren.

Mo de Kroelio is geel.
En net als alle andere Kroelioos is Mo heel nieuwsgierig.
Hij wil alles weten.

Op een dag wil Mo weten wat er onder het wolkenrijk Kroelonia te zien is.
Hij gaat op zijn buik liggen en kruipt naar het randje van een wolk.
Zo probeert hij naar beneden te kijken.
Mo kan nog niet veel zien.
Dus kruipt hij nog dichter naar de rand. toe.
Pas op Mo
Kijk uit, dadelijk val je nog!

Als hij zijn kop over het randje van de wolk steekt...
Glijdt hij naar voren..
En tuimelt  helemaal naar beneden.

En zo is Mo de Kroelio bij ons terecht gekomen.
Mo gaat nu iedere dag wandelen.Zo komt hij veel dieren tegen.
Leuke dieren, rare dieren en soms enge dieren.
Af en toe komt Mo ook rare dingen tegen.

In dit verhaal ziet  Mo een koe.

"Wat voor ons heel gewoon is,
kan voor een Kroelio heel bijzonder zijn".

Mo de Kroelio en de koe



Mo de Kroelio is aan het wandelen bij een boerderij. 
Zo heet het huis waar de boer in woont.
Mo heeft geen zin vandaag.
"Hier heb ik alles al gedaan. Hier is niks nieuws te zien" mompelt Mo.

Ineens voelt hij  iets kriebelen tussen zijn oren.
Het kan zijn dat er een vlieg op zijn kop zit.Of  is er toch iets nieuws te zien?
Als het bij Mo tussen de oren begint te kriebelen is er meestal wel iets te doen.
Hij kijkt om zich heen maar ziet niets nieuws.
Misschien iets verder, voorbij de bocht.
Weer niets.
Dan zal het toch een vlieg geweest zijn die zo kriebelde, denkt Mo.
Hij is er moe van geworden, en gaat even tegen een boom zitten.
Even later is Mo in slaap gevallen. Je kan hem heel hard horen snurken.

Mo droomt over het wolkenrijk Kroelonia, waar hij vandaan komt. 
Hij droomt over wolken en de andere Kroelioos
Ineens voelt hij iets over zijn wang likken...
Langzaam doet mo zijn ogen open...en...ziet een grote zwarte vlek met twee gaten erin.
"BOE", zegt de koe.
"Wie wat ...hoe waar", roept  Mo verward .Hij springt op. en verstopt zich achter de boom.
Mo is een beetje bang van het beest.
Vanachter de boom gluurt Mo naar dat rare dier.

Het beest met de witte en zwarte vlekken, ligt op de grond heel hard te lachen.
"Erg leuk", zegt Mo. Hij is achter zijn boom vandaan gekomen. Hij kijkt aandachtig naar het beest. 
"Ben jij een dier", vraagt Mo.
De koe staat weer op haar poten en zegt: " Ik ben een koei en ik doe loei".
En weer begint ze te lachen.
"Loei?" vraagt Mo. "Je zegt boe, geen loei, jij bent geen koei maar een boe-man".
"Wat", zegt de koe. "Nee nee meneer . Wij koeien zijn allemaal meisjes.
En daarom, meneer, kunnen wij geen boe-mannen zijn. Wij zijn dus boe-meisjes".
Het dier ligt alweer op de grond hard te lachen. Met haar vier poten in de lucht nog wel.
Mo moet er zelf ook om lachen.

Even later zegt Mo: "Dus een koe woont bij de boer. Een koe staat in de wei en zegt boe". 
"Ja ", zegt de koe. "En wij koeien maken melk". 
Nu ligt Mo op de grond te bulderen van het lachen.
Hij roept: "Dat kan toch niet. Melk komt uit de winkel. Heb ik zelf gezien".
'En toch is het waar", zegt de koe.
 Mo is weer gaan staan. Nieuwsgierig vraagt hij: Hoe dan? ".
De koe is bij Mo gaan staan en zeg: "Wel meneer, wij koeien eten veel gras.
In onze buiken maken wij van gras melk. En zo is dat". 
Mo krabt eens aan zijn oor. "En waar komt die melk dan uit? "vraagt hij aan de koe
"Wij koeien hebben uiers. Daar komt de melk uit" , is het antwoord.
Mo gelooft er geen sikkepit van. 
"Uiers. Wat zijn dat uiers ? "vraagt hij weer.
De koe kijkt Mo schuin aan. "Kijk maar eens  bij mijn achterpoten naar beneden. Dan kom je ze vanzelf tegen". 
Mo Loopt naar de achterkant van de Koe. Hij kijkt naar beneden. Daar ziet hij vier worstjes hangen. "Ik zie ze", roept hij naar de voorkant van de koe.
"Knijp er maar eens in. Je zult dan zien dat er melk uitkomt", roept de koe terug.

Mo kijkt een beetje raar naar de worstjes. Hij pakt er een en... knijpt erin. Mo krijgt een hele straal melk zo over zijn kop. De koe ligt alweer op de grond te lachen.
Mo heeft er genoeg van. Hij roept tegen de koe.
"Ik ga naar huis". Hij draait zich om en loopt weg.
"Ben je nu boos? ", vraagt de koe. Mo kijkt even om. Hij vindt de koe best wel een leuk dier. 
"Nee hoor", zegt hij. "Maar ik moet nu toch echt naar huis. Dag boe-meid". 

En zo wandelt  Mo de Kroelio weer naar huis.




Joepdoei en de mazzel

DJEK  
   







dinsdag 4 maart 2014

Een "verloren" Kroelio

Hallo fans 


Soms moet ik op de gekste momenten aan een Kroelio denken.

Een tijdje geleden was mijn schoonbroer, met zijn vriendin, uit Mexico op familiebezoek.
Gezellig zitten kletsen met iedereen in een Eindhovens Mexicaans eettentje.

Ineens moest ik denken aan een Kroelio waarvan ik de laatste jaren niets meer heb gehoord. Een 'verloren'  Kroelio als het ware.
Ik weet nog wel dat deze Kroelio, net als mijn schoonbroer, op het strand woont. Als ik mij niet  vergis  deed hij niets anders dan "Duitse" kuilen graven op dat strand. De Kroelio, niet mijn schoonbroer. Dit voor alle duidelijkheid.

Na wat graafwerk in mijn persoonlijke verhalendossiers, kwam ik hem tegen.

Salvador Tuba De Nadar.

Hier is nog een oude foto van hem.



Een Kroelio met een echte Spaanse naam. Lean heeft de naam opgezocht. Het betekent zoiets als 'held met snorkel'. 
Aan zijn naam te zien is deze Kroelio dus niet bang van water. Alle andere Kroelioos wel, zoals jullie allemaal weten.

In mijn verhalenverzameling kwam ik ook nog een spannend verhaal over Salvador tegen.

Salvador Tuba de Nadar
en de 
Schorpioen



Salvador Tuba de Nadar is op het strand een kuil aan het graven.
Hij wil daar de hele dag in gaan liggen lui wezen.

In zijn ooghoeken zoet hij plotsklaps iets bewegen. Wat is dat?
Hij ziet het meteen. Veel poten aan de zijkanten.
De kraaloogjes en vooral de staart. Die kromgebogen omhoog staat met de enorme giftige angel.
Een ontzettend grote schorpioen.

"Zo, zo" zegt de schorpioen. "Wat ben jij voor iets?"
Salvador weet niet waar hij kijken moet.
"Ik ben een Kroelio", zegt hij zachtjes.
"Wel beste Kroelio, ik ben Scorpio" sist de schorpioen. "Wat doe jij op mijn strand?". 
"O. neemt u mij niet kwalijk meneer Scorpio. Is dit uw strand? Dat wist ik niet", piept onze Kroelio.
"Dan ga ik nu maar". Salvador wil weglopen, maar de schorpioen gaat voor hem staan. "Ho, ho zo gemakkelijk kom je er niet vanaf. Jij hebt mijn hele strand omgespit.En nu verdien jij straf", sist Scorpio weer.

"O nee, meneer Scorpio, zo heb ik het niet bedoeld. Geen straf alstublieft", smeekt Salvador. De schorpioen heeft geen medelijden. "Ik ga jou met mijn angel prikken", zegt het gemene beest.

Wat nu gedaan, denkt Salvador.Toen Scorpio bijna bij de Koelio was, klom deze snel aan de zijkant van het beest omhoog.
Salvador zit nu achterstevoren op de rug van de schorpioen. Hij klemt de staart met de angel stevig tussen zijn voorpootjes vast. Hij weet niet wat hij moet doen.
Scorpio draait woest in het rond. "Waar zit je Kroelio?",roept hij. "Laat je eens zien, als je durft.
Onze Kroelio durft niet. Hij zit nog steeds op de rug van het beest en knijpt zijn ogen dicht. Zo bang is ie.
De schorpioen is nu flink nijdig en begint steeds sneller en sneller rondjes te draaien.

Ineens staat alles stil. Wat is er aan de hand?
Salvador laat vlug de staart los. Hij springt op het strand en maakt dat ie wegkomt. Zonder om te kijken.

Als hij dat wel had gedaan, zou hij kunnen zien dat Scorpio zichzelf in het zand ingegraven heeft.
Hij zit muurvast. De schorpioen is nu helemaal vuur-rood van nijd.

En als niemand hem losgemaakt heeft, dan zit ie er nu nog...


Was dat even spannend. Ik zou toch wel eens willen weten hoe het nu gaat met Salvador Tuba de Nadar.
Misschien kom ik hem nog wel eens tegen...wie weet.



Joepdoei en de mazzel

DJEK    
 

maandag 10 februari 2014

Frotje plof

Hallo Fans

We zijn er weer! Jullie dachten zeker dat de blog niet meer bestond.
Dat het Wolkenrijk naar beneden was getuimeld of zoiets.
Dat dacht ik ook.
Maar nee... het Wolkenrijk Kroelonia hangt er nog...en de blog mag er ook zijn.

Maartje is in boekvorm verschenen en de kleine meid staat er nu alleen voor. Ik heb niets meer van haar vernomen, dus het zal wel goed gaan.
Geen nieuws is goed nieuws nietwaar.
Er zullen (voorlopig) geen nieuwe verhaaltjes van Maartje op deze blog verschijnen.
Maar er zijn nog genoeg Kroelioos om over te schrijven.


Maar eerst even dit....

Kroeliaanse wijsheid
Stilte is...

een gat in het geluid.


"Frotje plof".

Een Lila verhaal.

Hoog heel hoog tegen het oneindige aan,
drijft het grote wolkenrijk Kroelonia.
Hier wonen de Kroelioos. Ze lijken een beetje op jonge hondjes
Ze hebben mooie flapoortjes en een leuke mopsneus.
Kroelioos zijn er in heel veel kleuren.

Als je zeker weet dat er Kroelioos bestaan...
Dan kun je in je dromen naar Kroelonia gaan.


Lila, een jongedame van wel 4 jaar oud, ligt in haar bed.
Grote tranen lopen over haar gezicht.Ze is heel verdrietig.       cry-loudly
Haar nachtlampje heeft een gezichtje, twee ogen en een mond.
Het lampje kijkt bezorgd.
Lila is op school door iemand omver geduwd. Toen is ze heel hard op haar knie gevallen. Er kwam bloed uit.
De juf heeft een pleister op de wond gedaan. Nu komt er geen bloed meer uit.

Mama heeft een kus op de knie gegeven. "Morgen is de pijn helemaal weg".
Dat kan de moeder van Lila wel zeggen, maar de knie doet nog wel zeer. 
Lila knijpt haar ogen stijf dicht.

Als ze haar ogen weer open doet, is alles om haar heen wit en donzig.
"Hallo Lila", roept iemand achter haar. "Kom je weer eens op bezoek?"
"Ha die Mo", roept Lila  terug. Ze draait zich om.
Voor haar staat een klein diertje. Het is helemaal geel met een rode neus, rode handjes en rode voetjes. Ook de binnenkant van zijn oortjes zijn rood.
Hij heet Mo de Kroelio . 

"Je bent precies op tijd. Ik wilde net naar de hoge wolkenbergen gaan.
Ik ga eens bij de 'Motjes' kijken.Je weet wel de kleine Kroelioos", vertelt Mo
De kleine Kroelioos, die zou Lila ook wel eens willen zien. 

"Dat gaat niet",fluistert ze.
"Waarom niet?" vraagt Mo.
"Mijn knie doet veel pijn". Ze wijst naar de pleister.
De gele Kroelio kijkt nieuwsgierig naar de pleister.
"Dat moet zo", zegt Lila. "Er komt anders bloed uit".
Verschrikt kijkt Mo naar Lila. "En loop je dan helemaal leeg? "vraagt hij.
"Misschien wel,ik weet niet" mompelt Lila. "Kunnen we niet eerst even langs de andere Kroelioos gaan? "
Mo vindt dat een goed idee.

Even later komen ze op het "Hemelse plein". Midden op dit plein staat het 'luchtkasteel'. Dit kasteel ziet eruit als een grote regenton. Overal zie je balkonnetjes en trapjes.
Hier wonen veel Kroelioos. Niet allemaal. Er zijn er ook die liever buiten het kasteel wonen.

Op het dak van de regenton, staan een paar Kroelioos
"Wat doen die daar?"vraagt Lila
Ze wijst naar het dak. Opeens springt er een Kroelio van het dak af.
Hij heeft iets wits boven zijn hoofd. Het lijkt wel een wolk.
Zo zweeft de Kroelio steeds verder van het kasteel af. Ineens...PLOF.
De wolk is weg en het beestje valt naar beneden.
"JAHOE" roept hij. De andere Kroelioos brullen van het lachen.
Vallen is niet zo erg op Kroelonia. Alles is van wolk gemaakt...dus lekker zacht.

Ondertussen is Loe-wis, de blauwe Kroelio, bij Lila en Mo gaan staan.
Hij wijst naar de rood met roze gestippelde Kroelio op het dak.
"Een nieuw spelletje van Stippel. Het heet 'Frotje-plof' geloof ik", zegt Loe-wis.
"Dat lijkt mij een heel leuk spelletje", lacht Lila."Zou ik ook mee mogen doen?"
"Ik denk het wel", lacht Loe-wis terug.

Lila kijkt Mo vragend aan.
"Ik denk er niet over" mompelt Mo."Ik ga naar de bergen. Ik zie je  nog wel Lila". Mo draait zich om en wandelt weg.
"Is Mo nu boos?" vraagt Lila aan Loe-wis.
"Nee hoor. Mo houdt alleen niet van die rare spelletjes". 
Loe-wis haalt zijn schouders op.
"Ik zal je wel even naar het dak van het paleis brengen".

Na heel veel balkonnetjes en trapjes klimmen, zijn Lila en Loe-wis op het dak aangekomen. Lila is de pijn in haar knie helemaal vergeten.
Hijgend vraagt ze aan Stippel "Mag ik ook een keertje? "

Stippel kijk Lila aan en roept: "Natuurlijk, natuurlijk iedereen mag meedoen".
Weet je hoe het werkt?"
Lila schudt van nee met haar hoofd. Stippel legt uit: "Het is niet moeilijk hoor. Je pakt een stukje wolk, een 'frotje'. Van dat frotje vouw je iets. Een vierkant, rondje of een wolk. Mag je helemaal zelf weten. Dan spring je van het dak af. Je blijft zo zweven totdat je frotje ploft. Als je dan naar beneden valt...roep je heel hard JAHOE. Wie het verst weg zweeft van het kasteel, die heeft gewonnen. 
Lila heeft het gesnapt. Ze pakt een grote frot wolk en gaat aan het werk.

Mo de Kroelio  is nog steeds onderweg naar de bergen.
Hij wandelt graag. Hij kijkt naar de grote wolkenbomen om hem heen.
Naar de paadjes. Door de wolkenstruiken.
Hij vindt het allemaal prachtig om te zien.
Mo gaat een beetje sneller lopen. Het is nog ver naar de Motjes.

Lila is klaar met vouwen. Ze heeft van de frot een mooie grote driehoek gemaakt. Ze frutselt er nog een paar wolkentouwen aan. 
Zo, Lila kan zich nu goed vasthouden.
Ze springt van het dak.
Daar zweeft ze. Lila giert van het lachen. Wat is dit leuk.
Bolle Jan, de wind, heeft het gezien.
"Ik help wel even",roept hij.
De wind begint te blazen, te blazen en te blazen.
Lila schiet als een raket de lucht in.
Als ze naar beneden kijkt ziet ze een paar hele kleine Kroelioos op het dak.
Ze wijzen naar haar en roepen: "Jij bent het hoogst van allemaal".

Dan hoort ze een zacht plofje. 
Haar mooie driehoek-frot is geploft.
Nu begint Lila naar benden te vallen. Steeds sneller en sneller.
Onder haar ziet ze iets geels lopen.
Het is Mo.
Lila vergeet helemaal JAHOE te roepen.
"Mo, kijk uit. Uit de weg...MO!!".

De gele Kroelio staat net naar een vreemd vogeltje te kijken.
"Hmm. Een klein dik bruinachtig vogeltje. Waarschijnlijk een rolmops", mompelt Mo.
Dan hoort hij iemand zijn naam roepen.
De rolmops fladdert weg.
Hij kijkt omhoog...en ziet Lila op zich afkomen.
Vlug springt Mo de Kroelio opzij.
Net op tijd.

Lila denkt in een zachte wolk te vallen.
BOTS...Au, dat is een harde wolk.
Ze ziet sterretjes.
"Lila...Lila...doet het pijn?...".

"Lila...Lila...doe je ogen eens open".
Ze is weer in haar slaapkamer.
Het nachtlampje kijkt nog steeds bezorgd.
"Doet het pijn? "vraagt mama.
Lila schudt van nee met haar hoofd.
"Je hebt me wel laten schrikken,hoor".
Mama kijkt Lila schuin aan.
"Zomaar uit bed vallen. Misschien dat je vannacht beter bij ons kan komen slapen", zegt Mama.
Dat vindt Lila helemaal niet erg.

Bij haar slaapkamerdeur draait ze zich om.
Lila zwaait even naar het nachtlampje.
"Dag lampje". 
Haar knie doet geen pijn meer.
Dag Lila.


Joepdoei en de mazzel

DJEK